Cerebrale toxoplasmose
Anamnese/lichamelijk onderzoek (consult neuroloog):
Combinatie
van haardverschijnselen en tekenen van diffuse encefalopathie:
bewustzijnsdaling, verwardheid, hemiparese, afasie, veranderd bewustzijn,
insulten, myelitis transversa. Vaak met koorts en hoofdpijn. Cotrimoxazol
profylaxe? (beschermt enigszins tegen
toxoplasmose)
Laboratoriumonderzoek:
Toxoplasmoseserologie:
IgG-titer 88 in bloed, kan negatief zijn. IgM
antilichamen zelden aantoonbaar.
Verder onderzoek
- CT-scan: multipele hypodense haarden, met
ringvormige/diffuse aankleuring na contrast. Bij twijfel: MRI, indien ook hier
maar één haard behandelen als toxoplasmose en wanneer geen reactie op therapie:
overweeg hersenbiopt.
- Differentiaal diagnose (vooral bij negatieve
toxoplasmose serologie of bij niet reageren therapie): cerebraal lymfoom of
tuberculoom
- Lumbaalpunctie: meestal geen afwijkingen bij
liquoronderzoek of geringe pleiocytose, voornamelijk lymfocyten en monocyten
met verhoogd eiwitgehalte, meestal normaal glucose. Toxoplasmosereacties niet
betrouwbaar. LP niet nodig als tot proefbehandeling wordt besloten.
Beleid/therapie:
- Bewaken bewustzijn (Glascow coma scale) en andere
vitale parameters.
- Pyrimethamine, oplaaddosis van 100 mg, daarna 1 dd
50 mg + sulfadiazine 4 dd 1 gram p.o. (bij sulfa-overgevoeligheid pyrimethamine
zelfde dosis + clindamycine 600 mg 4 dd).
- Altijd folinezuur (1dd 15 mg) toeveoegen i.v.m.
preventie pancytopenie.
- Onderhoudsbehandeling: pyrimethamine 1dd 50 mg +
folinezuur, evt. toevoegen sulfadiazine).
- Overweeg overplaatsing afdeling Neurologie
referenties
Cohen BA. Neurologic manifestations of toxoplasmosis in AIDS. Semin Neurol 1999;19:201.
Newton HB. Common neurologic complications of HIV-1 infection and AIDS. Am Fam Phys 1995;51:387.
index infecties bij AIDS / Immuungecompromitteerde patiënten