Reanimatie
Shock
Acute Dyspnoe
Bewustzijndaling
Acute pijn op de borst
Acute buikpijn
Cardiologie
Vasculaire calamiteiten
Bloedingen
Longziekten
Gastroenterologie
Hematologie
Endocrinologie
Nefrologie
Electrolystoornissen
Zuurbase-stoornissen
Intoxicaties
Bacteriele infecties
Tropengeneeskunde
AIDS
Neurologie
Diversen

Sepsis/septische shock

Systemische respons op weefselbeschadiging door aangetoonde infectie.

Symptomen (septische shock):

  • Koorts > 38 ºC of hypothermie < 36 ºC.
  • Hartfrequentie > 90/min (in afwezigheid van medicamenteuze ß-blokkade).
  • Bloeddruk nij< 90 mmHg systolisch.
  • Tachypnoe (ademfrequentie > 20/min) of hyperventilatie (PaCO2 < 4,3 kPa) of indicatie tot mechanische beademing.
  • Leucocytenaantal > 12 x 109 of > 10% staafkernige neutrofiele granulocyten of < 4 x 109 (niet het gevolg van medicamenteus geïnduceerde neutro-/leukopenie).
  • Orgaanfalen: verwardheid, oligurie, ARDS, etc.

Anamnese/lichamelijk onderzoek:

Gericht op bron van infectie, klinische verschijnselen en complicaties. Cave: asplenisme (sikkelcelanemie) of asplenie.

Laboratoriumonderzoek:

  • Bloed: BSE, Hb, leucocyten + differentiatie (bij geringe verdenking op leukemie handdifferentiatie!), thrombocyten, glucose, Na, K, kreatinine, Cl, Ca, leverenzymen, APTT, PTT, bloedgasanalyse, lactaat.
  • Urine: sediment.

Verder onderzoek:

  • Neem kweken af voordat antibiotica worden toegediend: bloedkweken (3 x), urinekweek + eventueel kweken van sputum (z.n. BAL), liquor, centrale lijn/port-à-cath, ascites, abcespunctaat, wondkweek, etc.
  • Laat zo mogelijk een cito Grampreparaat maken.
  • X-thorax.
  • ECG.
  • Op indicatie echo buik of echocardiogram.

Beleid/therapie:

  • Intensieve monitoring (verpleegafdeling):
    • beoordeel zelf elk uur de klinische toestand
    • bloeddruk (Dynamap)
    • O2-saturatie (pulsoximeter)
    • diurese (blaaskatheter + urimeter)
    • vochtbalans (elk uur)
    • cave: ARDS, DIS, nierinsufficiëntie, hypoglykemie, lactaatacidose, leverfalen etc.
  • Volumebehandeling (zie ook "verbloedingsshock"):
    • infundeer in 5 min. 200-500 ml plasmavervangmiddel (GPO bij nierinsufficiëntie), stijgt RR niet snel > 90 mmHg, dan ondervulling minder waarschijnlijk, start dan dopamine 5 ml/uur (5 mg dopamine/50 ml NaCl) op ICU of High/Medium Care.
    • corrigeer anemie tot Hb 6,0 mmol/L
    • corrigeer hypoalbuminemie tot 25 g/L.
  • Antibiotica:
    • Geef deze zo snel mogelijk i.v. volgens vigerend antibioticabeleid en controleer of ze zijn toegediend.
    • Denk bij diabetes ook aan Staphylococcus aureus
    • Denk bij HIV of immuungecompromitteerden ook aan Pseudomonas en Staphylococcus aureus
    • Bij buiksepsis ook anaeroben meedekken
      Let op:Aanpassen antibioticadosering bij nierinsufficiëntie
    • Pas de empirisch toegediende antibiotica aan op geleide van Gram/kweek eventuele verdere diagnostiek.
  • Zuurstoftherapie: geef extra zuurstof via neusbril (tot 5 l/min) en/of masker (nebulizer) tot SaO2 > 95%. Overweeg intubatie/beademing als dit niet lukt (overleg IC-arts).
  • Consult chirurg: bij vermoeden van de buik als bron in vroeg stadium (tot dan geen analgetica). Indien nodig chirurgische drainage infectiebron.
referenties
Wheeler AP, et al. Treating patients with severe sepsis. N Engl J Med 1999;340:207.
Astiz ME, et al. Septic shock. Lancet 1998;351:1501.

index ernstige bacteriële infecties